23 april 2021 – 9 uur 

Het weer in Nederland in 2021

2021 zal vergeleken worden met de norm van 2010 én de nieuwe 30 jarige norm van 2020, die ook al vermeld staan in het jaaroverzicht 2020.
Voor de landelijke neerslagnormen en zonuren houd ik veelal de 5 hoofdstations aan.  
Naar Weeroverzicht 2020

2021 voorlopig vrij normaal, wel iets aan de droge en zonnige kant
– Buiten een vorstperiode (er was weer eens een ijsdag na ruim 2 jaar) waren de wintermaanden aan de zachte kant en was februari droog en erg zonnig. April was erg fris, behorende tot de 15 koudste aprilmaanden, met een minimaal aantal van 8 vorstdagen (norm 4). April zal ongeveer even ‘koud’ worden als maart.

Weerrecords in De Bilt van 2021 
Record: de langste periode zonder ijsdag. Op 24 januari 2021 was het 2 jaar geleden (731 dagen) dat er een ijsdag was, de laatste dag was 24-1-2019. Het record is nu 745 dagen, want 7 februari 2021 was een ijsdag. Het oude record dateert uit 2016, toen duurde de ijsdag vrije periode 706 dagen, van 23-1-2015 tot 29-12-2016.

2021 t/m maart

 

Maanden in 2021:
Januari: somber en iets aan de natte kant. Februari: ondanks vorstperiode zacht, zonnig en droog. Maart was droog. April was vrij droog en zeker zonnig, maar ze was vooral koud (mogelijk top 15 koudste).

De grafiek ‘temperatuur voortschrijdend’ over 30 dagen’

De Bilt 2021 tot januari  met afwijking van de temperatuur t.o.v. ‘de norm van 2010’ – Site van KNMIs berekening

 

De Bilt in 2021 t.o.v. de Norm van 2020
De stand over de periode 1-1 t/m 31-3-2021 ; waarbij voor het actuele jaar de verwachting voor de actuele maand wordt meegenomen.

2021 – stand na 31 maart   mm Temp °C Zonuren Norm zon – 30 jaar
Norm 2020 197 4,69 296  1715
Huidig jaar 2021 166 4,69 320 indicatie 1730

– Warme dagen in 2021: 2, (de 30 jarige norm van ‘2010 en 2020 is 85 om 93 over het jaar).
– Het aantal zomerse dagen over het jaar staat tot vandaag op 0, de normaal van 2010 om 2020 is 26 om 28 per jaar.
– Het aantal tropische dagen in De Bilt tot nu toe: 0.

– Warmtegetal: 0,0 (de norm van ‘2010 om 2020’ is 87 om 100).
– Koudegetal: 36,3; Plaats 72 over 121 jaar.

– Het aantal vorstdagen voor het jaar 2021 staat op 39 (de norm van 2010 om 2020 is 58 om 52 over een kalenderjaar).
– Het aantal ijsdagen staat op 7 (de norm van 2010 om 2020 is 8 om 6) en met een koudegetal tot 11 februari van 24,7 (de 2010/2020 norm is 59/44).

De Weersverwachting: Weersverwachting 

De Winter van 2021 – zacht, met koud dipje in februari
In november vroor het in De Bilt voor het eerst op 29 november. In de namiddag daalde de temperatuur snel naar -1,5°. Later in de avond was het daar -3,6° en in Twente en Hupsel -5,4° om -5,5°. In de ochtend van de 29e kwam het voor het eerst tot vorst in het land in het oosten en noordoosten, Eelde noteerde -2,9°. In de nacht naar de 30e werd het -4,2° in De Bilt en -6,2 en -6,7 in Hupsel / Twente. Begin december vroor het ’s nachts geregeld, vooral in het midden en zuiden van het land, er was geregeld mist.
Hupsel (Achterhoek) noteerde als 1e KNMI station op de 10e de eerste ijsdag van deze winter, het maximum was -0,2°. Het etmaal gemiddelde lag deze dag in het zuidoostelijke deel van het land (m.u.v. Zuid-Limburg) iets onder nul. Vanaf de 12e werd het zacht en wisselvallig weer. Vanaf en zeker na de Kerst van 2020 werd het frisser.
Na december stond 2021 op de 13e plaats ‘warmste” winters. Tot december gemeten is de winter ook redelijk nat en vrij somber. Januari startte ook vrij somber, maar werd een stuk frisser dan december. Sneeuw viel ook in januari, vooral in Zuid-Limburg. Op de 16e viel er weer eens na lange tijd landelijk sneeuw, maar de hoeveelheden waren niet groot, zie de maand januari. Op 25 januari werd het -6,7° in Eelde en op 31 januari -8,6°, het laagste minimum van deze winter. Maar toen kwam februari. Sneeuw van betekenis viel landelijk op 7 februari, al waren er best grote verschillen. Daarna vroor het stevig met de laagste temperaturen van deze winter. Hupsel noteerde -16,2° op 8 februari en op 12 februari werd het -10,9° in De Bilt. De dooi zetten in op de 14e, waarna het zacht werd. Zo zacht, dat januari ‘kouder’ was dan februari.  

De winter van 2021 in een grafiek, met de dagrecords


Gegevens over de winter 2021
De zon scheen 221,7 uur. De norm van 2010 om 2020: 198 om 211 uur.
De somberste winter is die van 1979 met 108 uur. Landelijk scheen deze gemiddeld 232 uur tegenover de norm van 2010 en 2020: 197 / 218 uur.
In De Bilt viel 238 mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 208 om 216 mm. Gemiddeld over het land viel in de winter 223 mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 191 om 197 mm.
De temperatuur: 4,39° tegenover de norm van 2010 om 2020: 3,4° om 3,9°. Dat is een top 40 (top 20) plaats, gemeten vanaf 1701 (1902).
Het laagste minimum voor de winter was -10,9° op 12 februari, -9,5° op 11 februari, -7,6° op 8 februari en -5,4° op 31 januari 2021. Op 8 februari noteerde Hupsel -16,2°.
Vorstdagen: 32. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 38 om 38 vorstdagen. De normaal van 2020: 35 dagen.
Aantal dagen met matige- en strenge vorst: 9 om 2.
IJsdagen: 7. Hupsel (Achterhoek) van de KNMI stations noteerde als eerste een ijsdag op de 10e december, het maximum was -0,2°. Op 1 februari werd een ijsdag genoteerd in Noordoost-Nederland, Nieuw Beerta noteerde -0,5°.
De 30 jarige norm van 1990: 10,1, die van 2000: 8,2, die van 2010: 7,2 en die 2020: 5,9 dagen.

Grafiek van de winter van 2021 vergeleken met de 30 jarige dag normen van 2010 en die van 2020

Bron KNMI / Weergegevens.nl & zelf verwerkte gegevens.

Voor de uitleg van het koudegetal, de vraagtekens bij de schaalverdeling van het koudegetal en het overzicht van de winters, zie: Overzichten Winter

Vorst in de Winter
Het aantal vorstdagen in de winter van 2021 was 32: verdeeld over de maanden 9-11-12. De norm van 2010 om 2020 is 38 om 35. 
Over nov/maart waren dat 42 dagen: 2-9-11-12-8, ‘de norm 2010/2020’ is 52 om 48.
Het aantal ijsdagen: 7. De norm ‘2010 om 2020’ : 8,2 om 6,4 per jaar.
De Bilt – aantal vorstdagen per maand anno ‘de norm 2010’ is: oktober 2, november 5, december 13, januari 13, februari 13, maart 8 en april 4.
De Bilt – aantal vorstdagen per maand anno ‘de norm 2020’ is: oktober 1, november 5, december 11, januari 12, februari 12, maart 8 en april 4.

Het koudegetal en de vorstsom nov/maart 
Het koudegetal (nov/maart) in De Bilt was 36,3. De norm 2010 om 2020 is 57 om 44.
Koudegetal in Eelde, Twenthe, Hupsel en Nieuw Beerta :41,5 om 49,8 om 53,6 om 42,0.
De vorstsom: 144,1 (de 30 jarige norm van 2010 om 2020′ is 195 om 164).

December 2020 somber, nat en zacht 
Wisselvallige en vrij frisse start met niet teveel zon. Op 5 december vroor het 3 graden in De Bilt, alleen het KNMI station Ell kwam aan een lager minimum van -3,7°.
Over de eerste 11 dagen vroor het 7 dagen licht in de nacht. Hupsel (Achterhoek) noteerde op de 10e de eerste ijsdag van deze winter, het maximum was -0,2°. Vanaf de 12e werd het zacht en wisselvallig weer. Op de 21 regende het over lange tijd, in De Bilt viel meer dan 20 mm. Ook op de 23e viel er veel regen, tot ongeveer 30 mm in het noorden van het land. Tijdens en zeker na de K
erst werd het kouder, in de late avond van 1e Kerstdag vroor het kortstondig licht.
Zeer wisselvallig was het op 27 december met af en toe perioden met regen. Een omvangrijk laag (Bella), met in de bovenlucht erg koude lucht, zakte vanuit Groenland af naar West-Europa. De luchtdruk daalde van 1016 hPa op de 26e naar 975 hPa op de 27e in De bilt (Vlieland kwam (voorlopig) aan 973 hPa). Het waaide dan ook stevig, tot windkracht 9 langs de kust met windstoten tot ongeveer 100 km/uur, met pieken tot 117 km/uur. In de ochtend van 29e viel en lag er tijdelijk in delen van Groningen 1 à 2 cm sneeuw.

De gegevens van de maand december 2020
Temperatuur: 5,52° tegenover de norm van 2010 en 2020: 3,7° om 4,23°.
Neerslag: 106,9 mm,  tegenover de norm van 2010 en 2020: 76 om 83,8 mm.
Het gemiddelde over het land was 94 mm. Het langjarig gemiddelde van 2010 om 2020: 72 om 77 mm (over de 5 hoofdstations).
De zonneschijn bedraagt in De Bilt 42,4 uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 49 / 55,5 uur.
De zon scheen deze maand gemiddeld over het land circa — uur, met een langjarig gemiddelde van 49 om 58 uur.
Vorstdagen: 9. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 11,8 om 13,0 (*) vorstdagen. De normaal van 2020 is 11,2 dagen.
Het koudegetal voor december was 0. De 30 jarige norm van 2010 om 2020 : 15 om 11,8.
IJsdagen: 0. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 1,9 om 2,4 (*) ijsdagen. De normaal van 2020 staat op 1,8 dagen.
(*) In december 2010 waren er 29 vorstdagen en 12 ijsdagen. Dit was dan ook de laatste maand waarbij het etmaalgemiddelde lager was dan 0 graden, namelijk -1,1°. Zie ook de grafiek op de pagina Overzicht Winters

KNMI: cijfers over december 2020

Januari 2021: de temperatuur schommelde sterk, 2x sneeuw in Zuid-Limburg, later ook in NO-Nederland
Het jaar begon met rustig weer met op de eerste 2 dagen af en toe zon en met minima /maxima meest tussen -2 en +5°. Het laagste minimum in de winter is -4,5° op 9 januari 2021. De eerste decade was vrij somber, de zon scheen op veel dagen amper tot niet. De Bilt noteerde 6 zonloze dagen op rij vanaf 2 januari. Het was fris, maar zeker niet koud, al werd er in de media en tijdens journaals soms gesproken over vrij koud winterweer en kwakkelweer. Met af en toe een halve graad vorst in de nacht en geen sneeuw kun je toch echt niet spreken over vrij koud winterweer, al was het overdags veelal maar 3 graden. In Midden- en Oost-Europa was ook nauwelijks sprake van vorst, in Berlijn vroor het ’s nachts ook maar hooguit 1 graadje. Op 7 januari viel er een beetje sneeuw in het oosten en zuidoosten van het land waarbij het op de hoger gelegen een beetje wit werd. Na de 8e lag er in de heuvels van Zuid-Limburg 3 tot plaatselijk 10 cm sneeuw (boven de 280 mm 15 cm aldus het KNMI), de foto is nabij Vijlen, waar de volgende dag nog van genoten kon worden. Op de 9e was het in de ochtend plaatselijk glad door ijzel, omdat er enkele buitjes overtrokken bij temperaturen onder nul. Het etmaal gemiddelde lag deze dag op veel plaatsen, vooral in het midden en zuiden van het land, voor het eerst deze winter onder nul.
In Spanje (Madrid op 600 meter) viel veel sneeuw in die dagen, hoeveelheden van boven de 30 cm waren geen uitzondering, waarbij het ’s nachts tot ongeveer 10 graden vroor. Zoveel sneeuw valt er eens in de 50 jaar, als de plaatselijke meteoroloog.

De dagen daarna was het even droog en scheen de zon zelfs, ’s nachts vroor het licht tot -5 graden, het werd vanaf 11 januari tijdelijk iets zachter, want vanaf de 13e werd het weer kouder. De temperatuur schommelde de 2e week van januari, na enkele zachte dagen volgden van 14 tot 17 januari enkele frisse dagen.
Sneeuwval op de 16e: de grastemperatuur was op de meeste plaatsen hoger dan de temperatuur op 1,5 meter hoogte toen de sneeuw viel. Dat kwam omdat er in de nacht voorafgaand aan de sneeuwval er geen vorst was. De sneeuw lag wel al op de bomen en daken terwijl de aarde dan nog onbedekt was. Daarom lag er ook niet viel sneeuw, meestal net met moeite een centimeter, terwijl er wel enkele centimeters sneeuw viel. De (droge) sneeuw had een vrij lage temperatuur, want de temperatuur daalde abrupt, in ongeveer een uurtje van ongeveer 1,8° naar gemiddeld -0,8° (*), terwijl het niet eens flink sneeuwde. De ochtend daarna was het alweer een stuk zachter en was de sneeuw weg, al zou het die dag aan de oostgrens van Groningen nog glad zijn, mede door mogelijk sneeuwval en nog vrij lage temperaturen van net boven 0°.
(*) Behalve in Vlissingen, daar vroor het net niet met 0,0°, waardoor de laatste vorstdag aldaar nog steeds op 1 februari 2019 staat. Maar op 31-1-2021 vroor het weer eens in Vlissingen, welke 730 dagen geleden was dat Vlissingen een vorstdag noteerde.
Eindelijk vroor het deze dagen stevig in Scandinavië en Oost-Europa (Polen -15° op de 16e), maar deze kou kwam niet onze kant op. Op de 14e vroor het ’s ochtends, tot -5,3° in Twenthe, De Bilt kwam die dag slechts aan -0,7°. Na enkele zachte dagen, het werd rond 12° en het waaide tijdelijk stevig op de 21e waarbij IJmuiden een windstoot van 127 km/uur noteerde, was het frisser van 23 t/m 26 januari, waarbij er af en toe plaatselijk sneeuw viel. In de nacht naar de 24e trok een kleine storing over België en Zuid-Nederland die daar sneeuw bracht. Er viel/lag enkele centimeters, maar op de Vaalserberg lag in de ochtend  meer dan 10 cm. De temperatuur was overdags wel boven nul, dus was de sneeuw van korte duur. Het leverde wel mooie plaatjes op. Enkele dagen later werd het weer zachter. Zoals verwacht in november was januari uiteindelijk toch vrij zacht. Het is aan februari om de winter toch nog van zich te laten spreken, want het bleef aanrommelen eind januari. Zo viel er sneeuw op de 28e en op de 29e in het uiterste noordoosten van het land met temperaturen net boven nul, terwijl het tussen 10 tot 12° werd in Zuid-Nederland. Zo was het om 10 uur op de 29e ruim 8 graden in Lelystad waarbij het regende terwijl het 1° was in Nieuw-Beerta met sneeuwval. Om 15 uur was het in Eelde dan toch ruim 7 graden (in De Bilt ruim 9°) terwijl het in Nieuw-Beerta (50 km verderop) nog steeds maar 1,6° was. In de namiddag daalde de temperatuur snel in Noord-Nederland, in Eelde 3 graden in 10 minuten. Het etmaalgemiddelde verschilde op de 29e 9 graden tussen Noordoost-Nederland en Zeeuws-Vlaanderen (0,5 om 9,5°). In de nacht naar de 31e vroor het stevig, grofweg ten oosten van de lijn Texel Nijmegen vroor het matig. De Bilt noteerde sinds 2 jaar terug weer eens matige vorst (-5,4°) en Leeuwarden en Eelde noteerden -8,0° om -8,6°. Deze dag was over het etmaal (voorlopig) de koudste dag van deze winter, al was deze dag geen ijsdag. ’s Avonds laat volgde lichte sneeuwval en ijzel in het zuiden van het land.        

De gegevens van de maand januari 
Temperatuur: 3,38°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 3,1° om 3,6°.
Neerslag: 87,8 mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 69,6 om 70,8 mm, landelijk viel 84 mm om 68 normaal.
Over de hoofdstations viel ongeveer 92 mm tegenover 67 om 66 mm normaal.
Zonneschijn: 52,2 uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 62,3 / 66,6 uur. Landelijk 58 uur tegenover 62 om 68 uur normaal.
Vorstdagen: 11. De 30 jarige norm van 2000 om 2010: 13,0 om 12,8 vorstdagen. De normaal van 2020: 12 dagen.
Het koudegetal voor januari: 2,1. De 30 jarige norm 2010 om 2020: 23,5 om 16,6.
IJsdagen: 0. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 3,9 om 3,3 ijsdagen. De normaal van 2020: 2,6 dagen.
KNMI: cijfers over januari

Februari 2021 – met vorstperiode toch niet de koudste maand van deze winter, zonnig met 6 dagen boven de 15° 
Februari zou een koude maand worden, maar werd niet echt koud. De eerste startte met ijzel in het midden van het land. In grote delen van Groningen en in Drenthe bleef het de gehele dag vriezen, Nieuw-Beerta noteerde een maximum van -0,5°, net een ijsdag. In Maastricht werd het 5°. Op 2 februari zou het verschil meer dan 10° worden en dat was zo. Om 20.00 uur was het -0° in Delfzijl, terwijl het nog meer dan 10 graden was in zuidelijk Zeeland en Brabant. Lelystad meldde op dat moment 3,4° en in De Bilt was het 9,4°. De dagen daarna was het zacht (*), terwijl de koude in Scandinavië op de loer lag. Het was ook nat op de 3e februari in het midden en zuiden van het land, er viel veelal tussen 10 en 15 mm. (*) Op de avond van de 3e was het toch weer fris in het uiterste noorden, met een oosten wind noteerde Lauwersoog 2,5° terwijl het in Eelde ruim 7° was. Maar ook de dagen daarna waren de temperatuur verschillen groot. In het uiterste noorden was het gemiddeld slechts 2 graden met een oosten wind terwijl het in het zuiden van het land rond 11° was. Het was een stilte voor de storm…
‘Sneeuwstorm Darcy (alleen in het noordelijk kustgebied, alleen viel daar weinig sneeuw)’ deed Nederland aan in de nacht naar 7 februari. In de ochtend van de 7e lag en meest tussen 5 en 15 cm sneeuw (o.a. in de Achterhoek), terwijl het die dag nog (licht) sneeuwde. Door de stevige wind, in het noorden van het land kwam het tot kracht 8 (de status dat je mag spreken van een sneeuwstorm). De sneeuwhoogtes waren lastig te meten, maar na de 8e lag er plaatselijk op de Veluwe en in de Achterhoek meer dan 25 cm. Er viel op sommige plaatsen beduidend minder sneeuw dan verwacht, dus erg veel last van sneeuwduinen was er niet, al lagen de treinen er wel uit. Vergelijk deze sneeuwval overigens niet met 1979, toen was het veel erger in noordelijk Nederland.
In Midden-Nederland bleef het met windkracht 6 tot 7 bij een sneeuwjacht. Het is de derde winter met een sneeuwjacht in de 21e eeuw. De vorige waren op 9 en 10 januari 2010 en op 14, 15, en 20 januari 2013. Ter vergelijking, de 20e eeuw telde tenminste 22 sneeuwstormen en nog veel meer sneeuwjachten. De sneeuwstorm van ’79 was de laatste en een van de zwaarste. Berucht waren ook die van 1937, 1942, 1945, 1947, 1958 en 1963.

De temperatuur daalde op de 7e verder, om 10 uur was het op veel plaatsen in het oosten van het land rond de -5°. In de vroege ochtend van de 8e was het koud in het oosten van het land: Hupsel noteerde -16,2° (waar op de 9e nog meer dan 20 cm sneeuw lag) en De Bilt -7,6°, terwijl het in Friesland op dat moment maar net aan 2 graden vroor. De oorzaak ligt verderop. Zo is de Oostzee zeker 3 graden warmer dan normaal, maar eigenlijk is het verschil nog groter: geen ijs is ook geen sneeuw dat op het ijs ligt dus werkt de Oostzee als een soort van ‘kachel’ is voor ons bij een noordoosten wind. Het laat zich raden waarom het in Friesland en Groningen dan niet zo koud werd. In de nacht/ochtend van de 10e was het vroor het alleen <10° in Limburg en in het oostelijkste deel van Brabant en de Achterhoek. Op de 11e vroor het ‘eindelijk’ bijna overal streng, Terschelling kwam aan -12°. De Bilt was een uitzondering, het werd daar -9,5°. Op de 12e vroor het voor het eerst streng in De Bilt met -10,9°. Op de 14e kwam er een eind aan de vorstperiode, in Limburg was het ’s middags al 7 graden, in het noorden van het land toen nog rond 1 graad. De vorstperiode duurde 8 dagen (7e t/m 14e) en er waren 9 sneeuwdekdagen.


Na de koude periode werd het erg zacht in de 3e decade van de maand waardoor januari dan toch frisser zal zijn dan februari, ondanks de vorstperiode.
Voor het eerst 6 dagen op rij in februari een temperatuur van boven de 15°. De periode was van 20 t/m 25 februari. Op 21 februari werd het eerste dagrecord gezet voor dit jaar, ‘bijna natuurlijk’ is het een warmterecord, het werd 16,9° in De Bilt en ruim 18 graden in delen van Brabant en Limburg. Ook de 22e, 23e en 24e was een datum warmterecord, dat zijn er 4 op rij. Februari had van 22 t/m 25 februari ook 4 etmaal records en nog 1 minimum record.

De gegevens van de maand februari
De temperatuur: 4,26°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 3,3° / 3,9°.
Neerslag: 43,3 mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 56,1 / 63,1 mm, landelijk 44 mm tegenover 52 om 55 mm normaal.
Zonneschijn 127,1 uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 86,4 / 89,6 uur, landelijk 125 uur tegenover 82 om 91 uur normaal.
Vorstdagen: 12. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 13,2 om 12,8 vorstdagen. De normaal van 2020: 11,6 dagen.
Aantal dagen met matige- en strenge vorst: 8 om 2.
De Bilt noteerde -10,9° als laagste temperatuur in de vorstperiode die nu 8 dagen duurt. Er was geen sprake van een koudegolf. Dan moet het minimaal 3x streng vriezen (wat nu net niet gebeurde) en waarbij de dagtemperatuur minimaal 5 dagen op rij geheel niet boven nul mag komen. Dat lukte nog net met 7 dagen op rij, want op 11 februari werd het toch nog -0,1° en dat is net een ijsdag.
Het koudegetal voor februari: 34,2. De 30 jarige norm van 2010 om 2020: 11,8 om 15,9.
IJsdagen: 7 op rij. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 2,3 om 1,9 ijsdagen. De normaal van 2020: 1,5 dagen.
KNMI: cijfers over februari

De Lente van 2021
Voorlopig aan droge kant na storm, april fris 
Op 11 maart stormde het, daarna werd het over het algemeen rustig weer en was maart iets aan de droge en frisse kant, al waren de laatste 3 dagen van maart erg zacht met temperaturen boven de 20°. April begon fris met op 5, 6 en 7 april sneeuwbuien, waarbij er in Zuidoost-Nederland in de vroege morgen van de 7e er 5 tot 7 cm sneeuw lag. Daarna volgden in de 2e decade 7 nachten met vorst. 

Hieronder de grafiek van de lente, als deze voorbij is.

 

Grafiek Lente 2021, waarden t.o.v. de normaal.

De gegevens van de Lente (na 22 april)
Temperatuur: voorlopige indicatie 8,8° (tegenover de norm van 2010 en 2020: 9,5° om 9,92°.
Zonneschijn in De Bilt: 283 uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 502 om 546,1 uur. Landelijk gemiddeld scheen de zon rond — uur, tegenover normaal 502 om 570 uur.
Er viel tot nu toe 65 mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 173 mm om 158,7 mm. Landelijk viel ongeveer — mm, tegenover normaal 156 om 142 mm.
Warme dagen: tot nu toe 2. De norm van 1980: 8,8, die van 1990: 9,5, die van 2000: 11,2, die van 2010: 13,5 en die van 2020: 15,5.
Zomerse dagen: tot nu toe 0. De normaal van 2010: 3,8, die van 2020: 4,3.
Vorstdagen – na 23 april: 16. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 13,5 om 12,4 vorstdagen. De normaal van 2020: 12,2 dagen.
IJsdagen: 0. De 30 jarige norm van 2000 om 2010: 0,23 om 0,13 ijsdagen. De normaal van 2020: 0,17 dagen.
Zie ook: Lente Overzicht

 

Maart 2021 : zonnige start en droog, op het eind opnieuw zonnig – de eerste storm van het jaar 
Op 2 maart scheen de zon 10 uur en werd het 14,5°, de op 1 na hoogste waarde voor deze dag. Het was de eerste 3 dagen dan ook vrij zacht, al was dat vooral op de Wadden niet het geval. Daar was het vaak maar 5° vanwege mist en het koude zeewater waar ook soms nog ijs lag van de vorstperiode. Vooral op de 3e waren de temperatuurverschillen groot met bijna 17° in het zuidoosten van het land terwijl het slechts 3,5° was op Vlieland. Op 4 t/m 7 maart was het overal vrij fris met nachtvorst. Op 6 maart werd het -5,4° in De Bilt. Vanaf 10 maart werd het wisselvallig met af en toe veel wind, vooral op de 11e. Er waren die dag in de ochtend van de 11e zeer zware windstoten in de kustprovincies tot aan 124 km/uur (Houtribdijk), in het binnenland tot ongeveer 90 km/uur ( De Bilt 100 km/uur), de windkracht was gemiddeld kracht 9 in de kustprovincies. Ook de dagen daarna was het wisselvallig en waaide het af en toe stevig, zoals op de 13e waarbij over het land windstoten waren tot ongeveer 100 km/uur. Vanaf 18 maart tot eind maart was een (vrij) droge periode waarbij het eerst tot nachtvorst kwam, maar waarbij de temperatuur daarna opliep naar waarden boven normaal. Op 29, 30 en 31 maart was het zonnig en warm met temperaturen rond of zelfs boven 20°. Op de 30e/31e was het 21,3°/23,8°. Arcen kwam aan 26,1°, welke een maandrecord is voor Nederland.   

De gegevens van de maand maart
Temperatuur: 6,39° tegenover de norm van 2010 en 2020: 6,2° om 6,5°.
Neerslag: 34 mm tegenover de norm van 2010 en 2020: 66,8 mm om 57,8 mm. Landelijk viel ongeveer  44 mm, tegenover normaal 59 om 51 mm.
Zonneschijn: 140,9 uur tegenover de norm van 2010 en 2020: 121,6 uur om 139,4 uur. Landelijk gemiddeld scheen de zon rond 158 uur, tegenover normaal 121 om 146 uur.
Warme dagen: 2
. Er waren 7 dagen met meer dan 10 uur zon, de normaal is 3,8 voor maart.
Vorstdagen: 8. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 8,7 om 8,4 vorstdagen. De normaal van 2020: 8,4 dagen.
IJsdagen: 0. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 0,23 om 0,13 ijsdagen. De normaal van 2020: 0,17 dagen (reden 2005, koud voorjaar 2013 en 2018).
KNMI: cijfers over maart

April 2021: sneeuw en vrij koud, mogelijk net zo “koud” als maart
Op 1 april was het aardig weer, in Limburg was het om 13 uur nog 20° terwijl het in noordelijk Nederland met 9° al fris was. April begon dan ook fris met maxima rond de 10°, met een extra dip richting 5° met vanaf 2e Paasdag sneeuwbuien. Het werd plaatselijk wit op 2e paasdag, doordat de temperatuur flink daalde tot net boven nul tijdens sneeuwbuien. Het waaide flink aan de kust, vooral op de Wadden, waar op Texel, Vlieland en Terschelling windstoten voorkwamen tot bijna 100 km/uur. Ook op de 6e en 7e was het plaatselijk wit, op de 6e ook door hagelbuien. In de ochtend van de 7e lag er zelfs 20 cm op de Vaalserberg, in oostelijk Brabant en de rest van Limburg 5 tot 7 cm. Zoveel sneeuw lag er op 1 dag in deze eeuw nog niet in april. De landelijk meest sneeuwrijke dag is 11 april 1978. Op de 12e vielen ook nog enkele winterse buien. Na de dagen met sneeuwval volgden frisse nachten, zo werd het op de 12e in Deelen -4°. Ook in De Bilt vroor het op de 11e, 12e, 13e, 14e, 16e, 17e en 18e. Daarna was het 3 dagen iets zachter, maar vanaf de 21e werd het weer koel/fris met middag temperaturen van 12° (normaal voor eind april is ruim 16°). April 2021 lijkt in de top 15 koudste aprilmaanden uit te gaan komen, zeker als de nachten erg fris blijven. Mogelijk wordt april net zo “koud” als maart.

De gegevens van de maand april (na 22 april)
Temperatuur: voorlopige indicatie 6,4° tegenover de norm van 2010 en 2020: 9,19° om 9,85° .
Neerslag: tot nu 31 mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 42,3 mm om 41,6 mm. Landelijk viel ongeveer — mm, tegenover normaal 40 om 39 mm.
Zonneschijn: tot nu 142 uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: van 173,6 uur om 189,2 uur. Landelijk scheen de zon ongeveer — mm, tegenover normaal 173 om 197 uur.
Het aantal warme dagen in april: 0. De norm van 1990: 1,6, die van 2000: 2,1 die van 2010: 3,2 en die van 2020: 4,5.
Het aantal zomerse dagen in april: 0. De norm van 1990: 0,1, die van 2020: 0,2, die van 2010: 0,5 en die van 2020: 0,7.
Het aantal vorstdagen tot de 23e: 8. De 30 jarige norm van 2000 om 2010 is 4,5 om 3,9 vorstdagen. De normaal van 2020: 3,6 dagen. 1917 had er 14 en uit deze eeuw, 2003 10 stuks en 2013 had er 9.
KNMI: cijfers over april (is er nog niet)

Mei 2021: 

Overzicht van mei maanden: zie Zonuren 1959

De gegevens van de maand mei
Temperatuur: –,-° , tegenover de norm van 2010 en 2020: van 13,12° om 13,40°.
Neerslag: — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 61,9 mm 59,3 mm. Landelijk viel gemiddeld — mm, tegenover normaal 57 om 53 mm.
Zonneschijn — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020:  207,2 om 217,5 uur. Gemiddeld over het land scheen de zon — uur, tegenover 207 om 227 normaal.
Het aantal warme dagen in mei: totaal –. De norm van 1990: 7,8, die van 2000: 9, die van 2010: 10,2 en die van 2020: 10,8.
Het aantal zomerse dagen in mei was –. De norm van 1990: 1,9, die van 2020: 2,9, die van 2010: 3,3 en die van 2020: 3,6.
Het aantal nachten met vorst was –.
KNMI: cijfers over mei (is er nog niet)

De Zomer van 2021 
— 

De gegevens van de Zomer
De temperatuur van –,-° , tegenover de norm van 2010 en 2020: 17,04° om 17,43°.
De neerslag: — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 219,6 om 239,2 mm. Landelijk viel gemiddeld — mm, tegenover 209 om 223 mm normaal.
Zonneschijn — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 587,6 om 617,3 uur. Landelijk waren er — zonuren tegenover 585 om 640 uren normaal.
Het aantal warme dagen was –. De norm van 1990: 50,4, die 2000: 54,7, die van 2010: 59,6 en die van 2020: 63,7.
Het aantal zomerse dagen kwam uit op –. De norm van 1990: 15,5, die 2000: 18,1, die van 2010: 20,9 en die van 2020: 21,9.
Het record voor zomerse dagen in de zomer is 41 uit 1976.
Het aantal tropische dagen in de zomer was — . De norm van 1990 was 2,4, die 2000 was 3,2, die van 2010 was 3,8 en die van 2020 is 4,7 geworden.
Het warmtegetal was —.  De normaal over de gehele zomer: De norm van 2010 en 2020 is 78 om 88.
Na de zomer: KNMI: Samenvatting van de zomer (is er nog niet)

Juni 2021: 

de zomermaanden

 

De langste aaneengesloten reeks zomerse dagen in De Bilt:
Van 29 juli t/m 15 augustus 1975 : 18
Van 23 juni t/m 9 juli 1976 : 17
Van 15 juli t/m 30 juli 2006: 16
Van 15 t/m 27 juli 2018: 13
Van 5 t/m 17 augustus 2020: 13

De gegevens van de maand juni
Temperatuur: –,-°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 15,64° om 16,15°. De hoogst temperatuur was –,-° .
De neerslag was — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 65,6 om 70,5 mm. Landelijk — mm, tegenover 65 om 65 mm normaal.
Zonneschijn was — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 193,9 om 207,1 uur. Landelijk was dat ongeveer — uur, tegenover 194 om 214 uur normaal.
In Juni 1959 scheen de zon 300,9 uur in De Bilt, in 1976 290,5 uur.
Het aantal warme dagen: —. De norm van 1990: 12,8, die van 2000: 12,2, die van 2010: 14,3 en die van 2020: 16,2.
Het aantal zomerse dagen: -. De norm van 2000: 4,1, die van 2010: 4,8 en die van 2020: 5,1.
Het aantal tropische dagen was – . De normaal was 0,5. De norm voor 2020 is 0,8 geworden.
KNMI: cijfers over juni (is er nog niet)

Juli 2021:
— 

De gegevens van de maand juli
Temperatuur –,-°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 17,93° om 18,25°.
Neerslag: — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 81,1 om 85,2 mm. Landelijk gemiddeld rond — mm, tegenover 71 om 75 mm normaal.
Zonneschijn — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 206 om 213,9 uur.  Landelijk scheen de zon rond — uur, tegenover 203 om 220 uur normaal.
Het aantal warme dagen: –. De norm van 1990 was 18,2, die van 2000 was 20,4, die van 2010 was 22,3 en die van 2020 is 23,3.
Het aantal zomerse dagen: – . De norm van 1990 was 5,7, die van 2000 was 7,1, die van 2010 is 8,8 en die van 2020 is 9,2.
Het aantal tropische dagen was -, normaal is 2.
Zie ook het overzicht van het
KNMI: overzicht juli

Augustus 2021: 

De gegevens van de maand augustus
De temperatuur: –,-°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 17,51° om 17,85°.
Neerslag: — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 72,9 om 83,9 mm. Landelijk viel er — mm, tegenover 73 om 83 mm normaal.
De zonneschijn was — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 187,7 om 196,3 uur. Landelijk rond — uur, tegenover 195 om 205 uur normaal.
Het aantal warme dagen: –. De norm van 1990: 19,3, die van 2000: 22,1, die van 2010: 23 en die van 2020: 24,2.
Het aantal zomerse dagen: –. De norm van 1990: 5,6, die van 2000: 7, die van 2010: 7,2 en die van 2020: 7,6.
Het aantal tropische dagen was -. De normaal van 1990: 0,7, die van 2000: 1,2, die van 2010: 1,4 en die van 2020: 1,9.
De hoogste temperatuur was te — met –°, De Bilt kwam aan –°. Het hoogste warmtegetal over augustus ooit is 96,9 uit 2020.
 
KNMI: overzicht augustus

 

De herfst van 2021
—   

De gegevens van de Herfst 
De temperatuur: indicatie –,-° , tegenover de norm van 2010 en 2020: 10,64° om 10,89°.
De herfst noteerde tot nu toe — uur zon, tegenover de normaal van 2010 en 2020: 314 om 339,5 uur. Recordjaar is 2018 met 457 uur, het jaar 1959 had 449 uur zon.
Landelijk scheen de zon  — uur, tegenover 320 om 349 uur normaal.
Neerslag: tot nu toe — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 241 om 239 mm. Gemiddeld viel landelijk ca — mm, tegenover 229 om 225 mm normaal.
Het aantal warme dagen:  –.  De norm van 1990: 10,7, die van 2000: 11,0, die van 2010: 11,9. De normaal voor 2020: 13,6.
Het aantal zomerse dagen: –. De norm van 1990: 1,0, die van 2000: 1,0, die van 2010: 1,7 en die van 2020: 2,2.

September 2021: 

 

De gegevens van de maand september
Temperatuur: –,-°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 14,45° om 14,70°.
Neerslag: — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 78,1 om 77,9 mm. Gemiddeld over het land viel — mm, tegenover 74 om 74 mm normaal.
De zonneschijn bedroeg — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 138,3 om 152,8 uur. Gemiddeld over het land waren dat — zonuren, tegenover 143 om 158 uur normaal.
Het aantal warme dagen in september: –. De norm van 1990: 9,1, die van 2000: 9,7, die van 2010: 10,3 en die van 2020: 11,7.
Het aantal zomerse dagen in september: –. De norm van 1990: 1,0, die van 2000: 0,9, die van 2010: 1,7 en die van 2020: 2,1.

Warmtegetal en Warme dagen 2021 

 

Oktober 2021: 

De gegevens van de maand Oktober
Temperatuur: –,-°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 10,72 om 10,92°.
Neerslag:  — mm ( landelijk rond — mm), tegenover de norm van 2010 en 2020: 82,8 om 81,1 mm. De landelijke norm van 2010 en 2020: 79 om 77 mm.
Zonneschijn — uur (over het land gemiddeld — uur), tegenover de norm van 2010 en 2020: 112,9 om 119,4 uur. De landelijke norm van 2010 en 2020: 113 om 120 uur.

November 2021:
—-

De gegevens van de maand november 
Temperatuur: voorlopige indicatie rond -,-°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 6,73° om 7,04°.
Neerslag: – mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 80 om 79,6 mm. Landelijk viel ongeveer — mm. De landelijke norm van 2010 en 2020: 76 om 75 mm.
Zonneschijn — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 63 om 67,4 uur. Landelijk scheen de zon ongeveer — uur. De landelijke norm van 2010 en 2020: 63 om 70 uur.
Er waren — zonloze dagen in De Bilt. De normaal voor 2010 is. De normaal voor 2020 is 8,2 zonloze dagen.
Vorstdagen: -. De 30 jarige norm van 2000 om 2010: 6,4 om 5,5. De normaal van 2020: 4,7.
IJsdagen: -. De 30 jarige norm van 2000 om 2010: 0,43 om 0,47 ijsdag. De normaal van 2020: 0,37.

December 2021:

De gegevens van de maand december
Temperatuur: -,-°, tegenover de norm van 2010 en 2020: 3,7° om 4,23°.
Neerslag: — mm, tegenover de norm van 2010 en 2020: 76 om 83,8 mm. Het gemiddelde over het land viel — mm, tegenover 76 om 77 mm normaal.

De zonneschijn bedroeg in De Bilt — uur, tegenover de norm van 2010 en 2020: 49 om 55,5 uur. De zon scheen deze maand gemiddeld over het land circa — uur, terwijl het langjarig gemiddelde 49 om 58 uur is.
December had — zonloze dagen. De normaal van 2010: 13 zonloze dagen, de normaal voor 2020: 11,4.
Vorstdagen: -. De 30 jarige norm van 2000 om 2010: 11,8 om 13,0 vorstdagen. De normaal van 2020: 11,2 dagen.
IJsdagen: -. De 30 jarige norm van 2000 om 2010: 1,9 om 2,4 ijsdagen. De normaal van 2020: 1,8 dagen.

KNMI: cijfers over december 2021

Summary
Opvallend over de jaren vanaf 1901 valt op dat 12 jaren uit deze eeuw (vanaf 2001) in de top 20 warmste staan en 16 in de top 25.

Extremen Nederland Gegevens van het KNMI over 2020:
Naar KNMI jaaroverzicht over : 2021 (volgt begin 2022)
Zonuren per jaar: de trend
Zomeroverzicht: de zomermaanden
Jaaroverzichten: Jaaroverzichten

De gegevens / bronnen (van o.a. station De Bilt):
Van o.a. het KNMI, KMI, Wetteronline, Wetterzentrale, weerstatistieken.nl, weergegevens.nl, Weerplaza, The Met. Office & Michael Schaap.
Dank o.a. aan Jan Visser en Harry Geurts voor enige achtergrond informatie en cijfers.